Oude Begraafplaats Diepenveenseweg

Een Koninklijk Besluit in 1827, waarbij het begraven in en rond kerken vanaf 1 januari 1829 verboden wordt voor plaatsen met meer dan duizend inwoners betekende voor de stad Deventer dat een begraafplaats buiten de stadswallen moet worden aangelegd.

Een perceel aan de Hoge Hond wordt daarvoor uitgezocht en vanaf medio 1828 kan de gemeente overgaan tot aanbesteding en de aanleg van de nieuwe begraafplaats, inclusief een opzichterswoning van hout.
De afstand naar de stad mocht niet te groot zijn, aangezien er in die tijd door de meesten te voet werd begraven. In 1831 werd de begraafplaats in gebruik genomen. Er werden 3100 plaatsen uitgezet. De nummers 2501-3100 vormden eerst nog een apart gedeelte voor de rooms-katholieken.

Begraafplaats
Opvallend is de eenvoud van ontwerp en aanleg. Tot de eeuwwisseling lag de grens van de begraafplaats bij de huidige ingang. Aan het eind van de negentiende eeuw is de begraafplaats tot de huidige omvang uitgebreid.  Deze uitbreiding was alleen bestemd voor eigen graven. Vanaf 1894 is hier begraven tot de sluiting in 1918.

De eerste twintig rijen in het oudste gedeelte zijn in gebruik geweest als eigen graven. Voor de gehele begraafplaats gold, dat een graf ruimte moest bieden aan drie volwassenen.

Op 1 juli 1918 is de begraafplaats aan de Diepenveenseweg door de gemeenteraad gesloten verklaard en sinds die datum is er niemand meer begraven.